Op dit moment lees ik het boek Dossier 64 van Jussie Adler-Olsen

Dossier 64

Misdaadromans

Het eerste boek dat ik mijn eigendom mocht noemen had als titel Het Pinksterkamp der Zeeverkenners van K. Norel. Ik kreeg het boek van iemand van wie ik de naam vergeten ben. De gulle gever had in de buidel getast en mij dit boek gestuurd na de watersnoodramp van 1953. Er werd in het land een grote inzamelingsactie gehouden om de slachtoffers van deze ramp een hart onder de riem te steken en op deze manier kwam ik in het bezit van mijn eerste boek. In de loop der jaren, na veel verhuizingen en grote schoonmaakbeurten in mijn huis is het boek verloren gegaan maar ik heb er nog steeds goede herinneringen aan.

Na de boeken over de avonturen van Arendsoog en de Pim Pandoer serie, werd het tijd voor het meer serieuze werk en begon ik op de HBS boeken te lezen voor de beruchte boekenlijsten die je moest overleggen voor je eindexamen. Frans, Duits, Engels en Nederlands. In die jaren heb ik mij tot deze boeken beperkt. Dat kostte al tijd genoeg. Na de HBS-tijd ben ik mij, na het lezen van een Havankje dat ik in de trein vond, gaan interesseren voor misdaadromans. Ik las veel boeken van o.a. Havank, Baantjer, Peter Cheyney, John Le Carré, Ian Fleming maar ook Science Fiction.Fantastische vertellingenEen ander boek dat in die tijd diepe indruk op mij maakte en wat mij beangstigde en en tegelijkertijd fascineerde was een Prismapocket van Edgar Allen Poe, die in de boekenkast van mijn vader stond. Het boek had de titel Fantastische Vertellingen en het had in mijn herinnering een heel erg griezelige omslag. Een lijk dat ondersteboven in de schoorsteen hangt en twee mannen die er naar kijken. De een van dichtbij terwijl de ander met een kaars bijlicht. Verder een laken met veel bloed en een omgevallen stoel. Hier was iets vreselijks gebeurd en voor mij één van de beginpunten van mijn fascinatie voor misdaadromans.

Een misdaadroman is een genre van boeken dat de bedoeling heeft lezers te boeien en in vervoering te brengen en een dusdanige spanning op te roepen dat de lezer zich geroepen voelt het boek in een keer uit te lezen. De lezer blijft op het puntje van zijn stoel zitten of kan de lamp op het nachtkastje niet uitdoen want de fascinatie is zo groot dat er pas gestopt kan worden met lezen als het plot helemaal is uitgewerkt, zijn weg is gegaan en de lezer tevreden is of met een beklemmend gevoel achterblijft als het boek gesloten wordt. Soms wordt een misdaadroman geschreven met een uiterst fraai en artistiek gebruik van de taal en dan spreekt men wel van een literaire misdaadroman. Het woord literair vind ik echter arbitrair. Er bestaat geen opjectief antwoord op de vraag of iets literatuur is. Het is geen exacte wetenschap waarbij je aan de hand van een aantal meetbare en ondubbelzinnig gedefineerde criteria tot een niet te betwisten oordeel kunt komen. Er is een sterk subjectieve factor aanwezig. De één is helemaal weg van een boek terwijl de ander het ongelezen weglegt. De discussie of een misdaadroman literair is of niet vind ik daarom ook niet interessant. Er zijn taalkundigen die deze discussie uit de weg gaan door te stellen dat het beter is te spreken in termen van goede en slechte boeken. Maar ook hier speelt de subjectiviteit een belangrijke rol. Alles wat ik op deze website schrijf over misdaadromans is mijn persoonlijke mening en iedereen mag het daarmee eens of oneens zijn. Het belangrijkste is dat je plezier beleeft aan het lezen van een misdaadroman ongeacht hoe ik of een ander erover denken.